Nabestaandenpensioen bij overlijden vóór 65 jaar

Tot en met 2022 is de stelling geweest  “neem minimaal 10% pensioen op om verlies van het voorwaardelijk pensioen” te voorkomen. Die boodschap lijkt vanaf 1 januari 2023 niet meer nodig, echter de “minimaal 10% opname” blijft voor een ander pensioenproduct wel relevant, n.l. het Nabestaandenpensioen bij overlijden vóór 65 jaar (risicobasis).

ABP kent op bais van het huidige Pensioenreglement 2 soorten nabestaandenpensioen, n.l. bij :

  • Overlijden voor 65 jaar;
  • Overlijden op of na 65 jaar.

De constructie en opbouw was/is daarbij als volgt:

De aanspraak op NP overlijden vóór 65 jaar (risicobasis) geldt voor deelnemers en gepensioneerden van ABP. De nabestaande van een “slaper” (een voormalig ABP-deelnemer) kan bij diens overlijden voor de 65e jarige leeftijd geen aanspraak maken op het risicogedekt “nabestaandenpensioen bij overlijden vóór 65 jaar”, waarvan sprake was bij opbouw van het ouderdomspensioen in de periode juli 1999 tot en met december 2017. Dit verlies kan worden voorkomen door minimaal 10% pensioen op te nemen. Laat een ABP-deelnemer zijn pensioen ingaan op dezelfde datum van zijn “uitdiensttreding”, dan blijft het risicogedekt nabestaandenpensioen volledig in tact.

Nabestaandenpensioen vanaf 1 januari 2027

Vanaf 1 januari 2027, het moment waarop ABP overgaat naar het nieuwe pensioenstelsel, wordt het nabestaandenpensioen als volgt:

  1. een nabestaandenpensioen (op basis van risicodekking) bij overlijden vóór pensionering, mits vanuit een actieve betrekking, dan wel aanspraak op ZW, WW of AO-uitkering;
  2. een nabestaandenpensioen (op basis van kapitaaldekking) bij overlijden als gepensioneerde.

Vanaf 1 januari 2027, als ABP overgaat naar het nieuwe stelsel, is er nog een belangrijke wijziging aan de orde. Op grond van het huidige Pensioenreglement kan een ABP deelnemer diens partner aanmelden zolang deze deelnemer de AOW-leeftijd nog niet heeft bereikt. Vanaf toepassing van het Pensioenreglement 2027 kan dat dan tot het moment dat een ouderdomspensioen ingaat. Het maakt dan verschil of een deelnemer op 60 jarige of 70-jarige leeftijd met pensioen, gaat. Gaat het pensioen gedeeltelijk in, dan kan het aanmelden van de partner daarna enkel voor het deel van het pensioen dat nog niet is opgenomen.

Paul Müller

(adviseur Pensioen en sociale zekerheid)