Opdrachtaanvaarding ABP: impact onduidelijk

Bij vergelijking van het Transitieplan en de Opdrachtaanvaarding door ABP stuitte CMHF op meerdere verschillen. Deze keuzes kunnen het ledenmandaat raken. Ondanks herhaalde verzoeken is er geen cijfermatige onderbouwing verstrekt die inzicht geeft in de financiële effecten van de wijzigingen. Daardoor kan het bestuur van de CMHF de impact niet zorgvuldig beoordelen. Het is dan ook niet vast te stellen of deze wijzigingen binnen het mandaat van de leden vallen. Als dat niet zo is, had het voor de hand gelegen om dit aan de leden voor te leggen.

Wel of niet binnen mandaat

Het is niet eenvoudig om met zekerheid te bepalen of de wijzigingen het ledenmandaat overstijgen. De Beleid Adviescommissie (BAC), uitgebreid met andere CMHF-klankbordgroepen heeft geprobeerd om het bestuur hierover te adviseren. De geconstateerde verschillen:

Solidariteitsreserve: van 8–10% naar 7–9%
Compensatieleeftijd: van 40+ naar 35 jaar
Spreidingsparameter: van 3 jaar naar 2,5 jaar
Operationele reserves: aangepast

Zonder nadere berekeningen kwam de BAC niet verder dan het feitelijk constateren van de verschillen. Het bestuur van de CMHF heeft daarom, op advies van de BAC, het ABP-bestuur verzocht om deze informatie, maar ook tevergeefs.

Andere uitgangspunten leiden tot andere uitkomsten

De berekeningen in het Transitieplan zijn gebaseerd op de DNB-scenarioset van 31 december 2022. Voor de opdrachtaanvaarding is een latere set gebruikt. Dat kan leiden tot aanzienlijke verschillen in uitkomsten, zoals het risico op korten, de omvang van een korting en de kans op het behalen van het pensioendoel.

De verlaging van de solidariteitsreserve betekent dat er minder buffer is om tegenvallers op te vangen. Dat maakt meer directe toedeling mogelijk, maar vergroot ook de kwetsbaarheid bij economische tegenwind. Hierdoor kan de kans om het pensioendoel van 80% middelloon te behalen lager uitvallen dan de in het transitieplan benoemde 65%.

Het Verantwoordingsorgaan (VO) constateerde dat de groep die nu extra gecompenseerd wordt, negatieve effecten ondervond. In de eerdere berekeningen was dat niet het geval. Voor de betreffende leeftijdsgroep is deze compensatie een verbetering, maar ze vraagt wel om extra middelen, wat leidt tot een (zij het beperkte) herverdeling binnen het vermogen van ABP. 

Besluit genomen, maar vragen blijven

Het ABP-bestuur heeft de opdracht van de sociale partners aanvaard. Daarmee ligt het pad naar invaren per 1 januari 2027 vast. Voor CMHF blijft het punt van zorg: zonder actuele berekeningen is niet duidelijk wat de wijzigingen betekenen voor de leden. Transparantie en onderbouwing blijven noodzakelijk. Zolang die cijfers ontbreken, kan het bestuur de gevolgen niet goed inschatten. CMHF blijft daarom aandringen op heldere informatie, zodat leden weten waar ze aan toe zijn en het vertrouwen in het proces behouden blijft.