Gaat iedereen erop vooruit?

De Wet Toekomst Pensioenen is een half jaar geleden aangenomen in de Eerste Kamer en daarmee wet geworden. De volgende stap is dat de werkgeversorganisaties en vakbonden in de Pensioenkamer voor pensioenfonds ABP op basis van de nieuwe wet een pensioenregeling uitwerken. “De cruciale vraag voor iedereen is: wat had ik aan pensioen en wat wordt het in het nieuwe stelsel”, stelt Fabian Ouwehand, CMHF-vertegenwoordiger in het Verantwoordingsorgaan van het ABP.

Is het spannend in het Verantwoordingsorgaan op dit moment?

“Het Verantwoordingsorgaan (VO) geeft gevraagd en ongevraagd advies aan het bestuur van het ABP. Er wordt op dit moment door werkgevers en werknemers in de Pensioenkamer onderhandeld over een pensioenakkoord. Dat zou er binnenkort moeten liggen. Vervolgens gaat het ABP-bestuur kijken of dat akkoord aanvaardbaar, uitvoerbaar en evenwichtig is. Als ze daar positief over oordelen, gaat het naar ons voor advies. Dat zal pas in het voorjaar zijn, schat ik in.”

Dus het VO kan nu alleen zitten afwachten?

“Natuurlijk niet. We hebben een werkgroep opgericht om de Wet Toekomst Pensioenen (WTP) helemaal door te nemen. Dat is een flink pak papier, kan ik je verzekeren. Daarna hebben we in kaart gebracht aan welke knoppen het ABP-bestuur kan draaien en welke effecten dat zou hebben. Los daarvan vragen we het ABP-bestuur de hele tijd om nadere informatie. ‘Neem ons mee in jullie denktrend’ is daarbij onze boodschap. De laatste maand kwam er wat meer openheid.”

Waarom komt die openheid er nu pas?

“Het kost flink wat tijd voor ABP om deze berekeningen te laten maken… En nog langer om ze met het VO te delen. Het gaat om echt ingewikkelde berekeningen. We gaan naar een volledig nieuw stelsel. We kunnen inmiddels in grote lijnen zien welke besluiten in de uitvoering van de WTP welke effecten gaan hebben op welke groepen mensen. In het begin werd daarbij alleen naar leeftijdsgroepen gekeken. Inmiddels wordt binnen die leeftijdsgroepen ook gekeken naar opleidingsniveau, wat vaak overeenkomt met een hoger inkomen. In het pensioenjargon is dat ‘maatmensen’ gaan heten. Er komt ook speciale aandacht voor bepaalde groepen, militairen en rechters bijvoorbeeld, die over het algemeen pas laat aan hun pensioenopbouw beginnen.”

Sommigen beweren dat je binnen het oude systeem ook veel had kunnen verbeteren.

“Dat is een alternatieve weg. Maar het is niet zo simpel als sommige mensen het laten voorkomen. Een pensioenfonds moet echt met heel veel dingen rekening houden. Leeftijdsopbouw van de populatie, levensverwachting, rendement, vermogen, de rente, noem maar op. Het is een complexe puzzel die je niet op de achterkant van een bierviltje kunt oplossen.”

Wat is het probleem met het oude (en huidige) systeem?

Kijk, de gegarandeerde nominale pensioenuitkering, die de kern was van het oude systeem, klinkt als een mooie garantie: je krijgt altijd een vast bedrag. Maar dat vaste bedrag werd en wordt niet automatisch gecorrigeerd voor inflatie. Dus diezelfde, zeg, duizend euro per maand wordt elk jaar minder waard in de supermarkt.  Het ABP heeft heel veel vermogen opgebouwd de laatste jaren, op 2022 na toen de inval in Oekraïne, de hoge inflatie en instortende beurskoersen alles op zijn kop zette. Dat vermogen mocht wettelijk niet uitgekeerd worden door de lage rente, zo werkte het oude systeem nu eenmaal. Toen de rente omhoog ging – en bizar genoeg toen het vermogen daalde – kon er wel fors geïndexeerd worden. Dat heeft het ABP dan ook gedaan.”

Hoe zie jij het nieuwe pensioensysteem?

“Het gaat eerlijker worden. Jongeren gaan eerder sparen voor hun pensioen, waardoor het langer rendeert en je dus mag verwachten dat het hoger zal zijn. Ik schat in dat mensen veel plusjes gaan zien. Er zullen ook minnetjes komen, want in het nieuwe systeem kan de pensioenuitkering niet alleen makkelijker verhoogd worden, maar ook makkelijker verlaagd. Er zal wel een storm uitbreken in Nederland als dat over X jaar een keer gaat gebeuren. Maar ook dan moeten we niet vergeten dat er tegenover die min veel financiële plussen hebben gestaan en normaal gesproken ook weer gaan staan.”

Gaat iedereen erop vooruit?

“Dat is wat er gezegd is aan het begin van het traject. CMHF heeft er altijd voor gepleit dat dat ook zou worden waargemaakt. We hebben op dat vlak successen geboekt, al zijn we ‘maar’ onderdeel van de derde vakcentrale van Nederland. Het nabestaandenpensioen wordt beter geregeld dan waar de grote onderhandelaars eerst op inzetten. Ook de compensatie voor hoogopgeleide mensen tussen de veertig en vijftig, die er in het nieuwe systeem op achteruit dreigden te gaan, lijkt redelijk goed te komen.”

Waarom zouden die veertigers erop achteruit gaan?

“In het oude systeem hebben deze mensen meebetaald aan de pensioenen van de toenmalige ouderen. Maar in het nieuwe systeem, met de individuele pensioenpotjes, gaan de jongeren straks niet aan het pensioen van deze huidige veertigers meebetalen. Dus moet dat gecompenseerd worden als we ‘invaren’ in het nieuwe systeem. Binnenkort komt de Pensioenkamer met een akkoord, is de verwachting. We gaan zien wat daar over die compensatie instaat. Voor alle duidelijkheid: zelfs als het pensioenakkoord er zometeen ligt, kunnen we nog alleen maar de grotere lijnen zien. Welke groepen wat harder of zachter geraakt worden door bepaalde maatregelen zien we echt pas over een paar jaar, is mijn inschatting.”

Het ABP wil op 1 januari 2027 overgaan naar het nieuwe systeem. Gaat dat lukken?

“De arbeidsmarkt voor specialisten zoals actuarissen, de mensen die al die ingewikkelde berekeningen moeten uitvoeren, is krap. De Pensioenkamer heeft al eens termijnen moeten verschuiven omdat het ABP de benodigde informatie niet op tijd konaanleveren. De overgang naar het nieuwe stelsel is echt heel complex. Je moet voor miljoenen mensen uitrekenen welke rechten zij hebben opgebouwd in de afgelopen decennia. Het gaat daarbij ook om regelingen die inmiddels niet eens meer bestaan. En dan moet je overal een prijs op plakken.”

Drie jaar om dat allemaal voor elkaar te krijgen, klinkt redelijk krap…

Zeker. En dan kunnen ze op dit moment alles alleen nog maar voorbereiden. Echt per persoon uitrekenen wat zij in hun pensioenpotje krijgen, kan pas als de pensioenregeling door het ABP is vastgesteld. De cruciale vraag voor iedereen is natuurlijk: wat had ik aan pensioen in het oude stelsel en wat wordt het in het nieuwe stelsel? Op dit moment wordt er echt heel hard aan gewerkt om systemen te maken die dat kunnen berekenen, inclusief allemaal toetsen en controles. 1 januari 2027 is redelijk ambitieus. We halen dat alleen als er niet al teveel mis gaat de komende jaren.”

Dit interview heeft plaatsgevonden vlak voordat op 15 december 2023 de Pensioenkamer en het ABP het hoofdlijnenakkoord inzake de nieuwe ABP-pensioenregeling bekend maakten.